Motief 306, oktober 2026
Levende spiritualiteit
Het was een warme zomer met verontrustende bosbranden. Er is veel aan de hand in de wereld. Nu is het herfst en Michaëltijd. Voor ons antroposofen is het beeld van Michaël die strijdt met de draak of met de geesten der duisternis een vertrouwd beeld. De antroposofie geeft ons namen voor deze geesten en ook namen voor engelen. Doordat je die namen kent, kun je ze opnemen in je denken of een gevoel krijgen voor hun werking.
Wat mij opvalt, is dat steeds meer mensen beschrijvingen geven van zulke werkingen, zonder dat ze de antroposofische begrippen kennen. Ze beschrijven dat er iets niet klopt, dat er krachten werkzaam zijn, die vanuit een onzichtbaar veld processen beïnvloeden die ontvreemdend, uithollend of vernietigend werken. Ook zijn er mensen die juist vertellen over belevingen van lichtheid, van goddelijkheid.
Mij trof het laatste boekje van Lieke Marsman, de onlangs jong overleden Nederlandse dichteres. Zij was ernstig ziek en tijdens haar ziekteproces veranderde er iets in haar. Ze was altijd atheïst geweest. Maar nu voelde ze een goddelijke aanwezigheid die haar kracht gaf. Na haar sterven kwam haar bundel uit: De dichter en de duivel. In de internettaal van nu laat zij haarscherp zien in welkbizarre wereld we leven, die vanuit Onder-Nederland aangestuurd wordt en waar mensen stukjes van hun ziel verkopen. Je zou kunnen zeggen dat ze een beschrijving geeft van Ahrimans wereld.
Ook was ik geraakt door het lezen van twee boeken van Lorna Byrne, een eenvoudige vrouw uit Ierland die als meisje in armoede opgroeide. Van jongs af aan zag zij engelen, overal, achter ieder mens – en soms velen tegelijk: als mensen samen komen, bidden of muziek maken. In haar boeken Engelen in mijn haar en Engelen binnen handbereik beschrijft ze haar levenservaringen, waarbij zij steeds ziet hoe engelen mensen begeleiden en influisteren – maar ook altijd vrijlaten. Veel mensen horen die influisteringen niet en zo zijn er volgens Lorna ook werkloze engelen.
Dit zijn voor mij voorbeelden van levende spiritualiteit, van authentieke, individuele ervaringen, die de ander (ook de niet-antroposoof) kan verstaan. Veel mensen zijn geraakt door hun verhaal. In het koersdocument van het bestuur noemen we het verzorgen van levende spiritualiteit als één van zeven aandachtsgebieden. Zo kan het individuele tot het gemeenschappelijke voeren en kunnen we ons verenigd weten met alle mensen van goede wil, in het weerstaan van de draken van deze tijd.
Anselma Remmers
