Alles gegeven - Marie Tak van Poortvliet
06 februari, 2026

Op 12 juni 2025 promoveerde Jacqueline van Paaschen aan de Rijks Universiteit Groningen op haar proefschrift: Alles gegeven, Marie Tak van Poortvliet (1871-1936). Tak van Poortvliet had een levenslange relatie met de kunstenares Jacoba van Heemskerck (1876-1923). Paul van Dijk en Wil Uitgeest gingen met Jacqueline in gesprek naar aanleiding van haar proefschrift én de tentoonstelling die op basis van haar proefschrift tot stand kwam.
Tot en met 22 februari 2026 was in het Kunstmuseum Den Haag de tentoonstelling te zien die het internationale netwerk belicht van Marie Tak van Poortvliet en Jacoba van Heemskerck, hun spirituele overtuigingen en de context van hun tijd. Daarbij is ook aandacht voor hun betrokkenheid bij de Berlijnse avant-garde rond Der Sturm en hun omstreden positie tijdens de Eerste Wereldoorlog. Schilderijen, tekeningen en glas-in-loodwerken van Jacoba van Heemskerck worden gepresenteerd naast werk van tijdgenoten als Piet Mondriaan, Wassily Kandinsky en Franz Marc, afkomstig uit de privécollectie van Tak van Poortvliet.
Kunst en Esoterie
Wat heeft Jacqueline ertoe gebracht om zich zo intensief met zowel Marie Tak van Poortvliet als met Jacoba van Heemskerck bezig te houden? Ze vertelt dat ze tijdens haar studie in aanraking kwam met het boek van Sixten Ringbom: The Sounding Cosmos. A Study in the Spiritualism of Kandinsky and the Genesis of Abstract Painting. Ringbom toont aan hoe theosofie en esoterische inhouden essentieel geweest zijn voor de ontwikkeling van de niet-figuratieve kunst. Zowel Mondriaan als Kandinsky blijken lezingen van Rudolf Steiner te hebben bijgewoond. Dit boeide Jacqueline enorm!
Als onderwerp voor haar afstudeerscriptie wilde ze dan ook een kunstenaar uit de tijd van Kandinsky kiezen; maar het moest wel een vrouw zijn. Ze raadpleegde de bibliotheek van het Kunsthistorisch Instituut, maar in de bibliotheek vond ze niets; ze wist echter dat boven in een studiezaal nog een kast met boeken over moderne kunst stond. Ten einde raad liep ze daar naartoe, en begon in die kast te rommelen. Studenten keken verstoord op … dus probeerde ze heel voorzichtig te doen. Maar ze moest toch behoorlijk trekken, en ineens … klabam! daar viel een boek uit de kast voor haar voeten!
Het was een boek over Jacoba van Heemskerck van Arend Huussen en Herbert Henkels. De voorkant was heel kleurrijk. Ze las iets over Zeeland, waar haar beide oma’s vandaan kwamen, met van die Zeeuwse kappen nog…, en over Kandinsky, Mondriaan, de antroposofie van Rudolf Steiner… Die Jacoba bleek een liefdesrelatie met een andere vrouw te hebben, ene Marie Tak van Poortvliet … Jacqueline vond het zo interessant dat dit het onderwerp werd van haar afstudeerscriptie, met als titel: Klinkende kleurentaal in de kunst van Jacoba van Heemskerck (1988).
Deze scriptie bleek het begin van een (tot nu toe) levenslange fascinatie: samen met Arend Huussen jr. schreef ze de monografie en oeuvrecatalogus van Van Heemskerck die in 2005 uitkwam: Jacoba van Heemskerck van Beest 1876-1923. Schilderes uit roeping.
Villa Loverendale
Domburg was rond 1910 een kunstenaarsdorp. Toorop werkte er al langer, Mondriaan kwam uit Amsterdam naar Domburg en Marie Tak en Jacoba van Heemskerck woonden er zomers in Villa Loverendale, het grote buitenhuis waar Marie een atelier voor Jacoba bij bouwde. Ten tijde van haar scriptie in 1988 had Jacqueline Villa Loverendale al bezocht. Tot haar schrik bleek echter dat zowel de villa als het atelier van Jacoba daarachter half ingestort en dichtgespijkerd waren! Ze is meteen naar de gemeente gestapt om te informeren naar het beleid rond dit verpauperde cultuurgoed. Men zei haar dat dit nu in handen was van een projectontwikkelaar, en dat het niet meer om de culturele waarde, maar om het toeristisch belang van deze plek ging. Ze waren aan het kijken of er een appartementenhotel … en een zwembad … Jacqueline had genoeg gehoord!
Zij had andere plannen: ze wilde op die plek het Marie Tak van Poortvliet Museum Domburg oprichten. Maar om recht van spreken te krijgen moest ze eerst afstuderen. Daarna organiseerde ze in Zeeland tentoonstellingen en schreef over met name in Zeeland werkende kunstenaars. Toen ze de tijd rijp achtte, wilde ze haar plan verwezenlijken. Ze richtte een stichting op, benoemde een raad van advies en nodigde de pers uit. Er lag een heel plan klaar. Ze waren in gesprek met de projectontwikkelaar en met de gemeente.
Maar op een dag werd Jacqueline door de Provinciale Zeeuwse Courant opgebeld, met de mededeling dat de hele villa om half zes die ochtend was afgebroken. Zodra het kon ging ze kijken … alles was weg. Zelfs geen brokje steen lag er nog. Achteraf bleek dat de projectontwikkelaar van de gemeente toestemming had gekregen om op die plek een duur appartementengebouw neer te zetten. Terwijl ze nog volop met elkaar in gesprek waren.
Jacqueline heeft staan huilen op de plek waar de neergehaalde villa had gestaan. Niet om het gebouw, maar om wat daar had plaatsgevonden: de drempelovergang naar de moderne kunst, waarin de kleuren en vormen vrijkwamen uit de gebondenheid aan de figuratie, en zich ontwikkelden tot beeldelementen met een geheel eigen zeggingskracht; de inspiratie vanuit de theosofie, vrijmetselarij, antroposofie; de geweldige betekenis van dit alles voor de bewustzijnsontwikkeling van de moderne mens, die weliswaar in de kunst in beeld is gebracht, maar nog lang niet bewust is verwerkelijkt … dit alles leek volkomen weggevaagd.
Een nieuw museum
Met pioniersgeest en doorzettingsvermogen heeft Jacqueline het Marie Tak van Poortvliet Museum Domburg toch voor elkaar gekregen; in een nieuw gebouw, ontworpen door de architect Cees Dam. Bij de opening van dit museum reconstrueerde zij de tentoonstelling uit 1912, waarin de overgang van figuratieve naar abstracte kunst prachtig zichtbaar werd gemaakt. Er waren originele werken te zien van Mondriaan, Van Heemskerck, Toorop en vele anderen. In een paar maanden tijd is deze tentoonstelling in Domburg door meer dan 30.000 mensen bezocht – een enorm succes.
Haar monografie en oeuvrecatalogus over Van Heemskerck, die in 2005 gereedkwam, maakte conservator Hans Janssen van Kunstmuseum Den Haag (toen nog Haags Gemeentemuseum) enthousiast voor het organiseren van een groot retrospectief van Jacoba van Heemskerck, geënt op dit boek. De tentoonstelling werd door kunstenares Marlene Dumas geopend; zij sprak daarbij haar bewondering uit voor de kracht in de lijnvoering van Van Heemskerck. In die tijd liep Jacqueline al met plannen rond om een biografie van Jacoba’s vriendin, Marie Tak van Poortvliet te schrijven. Het heeft een tijd geduurd voordat ze dit kon realiseren, met name omdat haar man Paul ongeneeslijk ziek bleek. Hij stierf op 20 februari 2025. Na de crematie kwam haar proefschrift uit bij Uitgeverij Prometheus, een biografie van bijna 600 pagina’s, met een schat aan informatie over het leven van Marie Tak van Poortvliet in de context van haar tijd.
Marie Tak van Poortvliet
Marie Tak van Poortvliet was zeer vermogend, kunstverzamelaar van moderne kunst, criticus en mecenas. Jacoba van Heemskerck groeide uit tot een expressionist die behoorde tot de avant-garde van haar tijd. Zij deelden een diepe belangstelling voor spiritualiteit, eerst voor de remonstranten, de theosofie, de vrijmetselarij, later voor de antroposofie. Ze hadden ook veel interesse in de dynamiek en de werking van kleuren, mede omdat Marie hoopte dat haar psychisch zieke zusje Bé hier baat bij zou hebben.
Marie voorzag de betekenis van Willem Zeylmans van Emmichoven voor de Nederlandse Antroposofische Vereeniging, en heeft hem – ook financieel – gesteund bij zijn studie tot arts/psychiater. Zij stimuleerde hem om te promoveren op Steiners interpretatie van Goethes Farbenlehre, en initieerde mede de oprichting van de Rudolf Steiner Kliniek in Den Haag, waar Bé de eerste patiënte was. In 1930 verhuisde Marie naar Dornach, en schonk haar geld en landerijen aan Cultuurmaatschappij Loverendale, het oudste biologisch-dynamische landbouwbedrijf in Nederland.
Aan het einde van ons gesprek vertelde Jacqueline dat er een portret van Marie bij haar bed hangt. Daar liggen ook de weekspreuken, en voordat ze gaat slapen leest ze deze aan Marie voor. De spreuk voor de 36e week, de week dat we haar spraken, had haar bijzonder getroffen, omdat hij zo van toepassing leek op Marie – en misschien ook wel op Jacqueline zelf.
In meines Wesens Tiefen spricht
Zur Offenbarung drängend
Geheimnisvoll das Weltenwort:
Erfülle deiner Arbeit Ziele
Mit meinem Geisteslichte
Zu opfern dich durch mich.
Jacqueline van Paaschen, Alles gegeven, Marie Tak van Poortvliet (1871-1936), Prometheus 2025, 592 pag. € 49,99
Tekst: Paul van Dijk en Wil Uitgeest
Dit artikel verscheen in Motief 299 van 6 februari 2026
